Verkenning met zomerlinzen in mengteelt
De teelt van linzen stelt enkele teelttechnische uitdagingen. Linzen zijn legergevoelig. De stengels van deze planten zijn zwak en vallen gemakkelijk om. Daarnaast zijn linzen ook een van de minst bodem bedekkende peulvruchten en is de teelt gevoelig voor onkruid. Een mengteelt met een andere (steun)gewas is daarom nuttig en aan te bevelen.
Met twee verkennende proeven heeft Inagro in 2024 en 2025 gezocht naar een geschikte combinatie van linzen met huttentut of blauwe lupine. Daarbij werd gevarieerd met rassen en zaaidosissen. De weersomstandigheden tijdens de proefjaren verschilden sterk. Zo was de lente van 2024 zeer nat, warm en somber. De lente van 2025 was daartegenover zeer droog en zonnig.
De proeven leerden dat blauwe lupine een geschikt steungewas kan zijn. Als de alkaloïde-inhoud (giftige bitterstoffen) van het gekozen ras laag genoeg is, kan deze potentieel haar afzet vinden als veevoer of voor voedingstoepassingen. De lupine bleek in 2025 een goede buurplant voor linzen planten door voldoende plaats te laten om te groeien, de kans op legering te verlagen, bijna gelijktijdig af te rijpen en de rijpe linzen minder makkelijk bereikbaar te maken voor duiven. Ook scheiding na oogst, ging door het verschil in afmeting van de zaden vlot. Gevoeligheid voor wildschade (hazen) en bonenvlieg aantasting zijn wel aandachtspunten leerde 2024 waarbij weinig lupine planten overbleven tussen de linzen. Kiezen voor 40 zaden lupine per m2 in plaats van 70 doet de lupine opbrengst dalen maar kan mogelijk een hogere productiviteit van de linzen toelaten binnen de mengteelt, leerde 2025 ook nog. Verder onderzoek hieromtrent is nodig.
De voordelen van de mengteelt met huttentut konden niet worden vastgesteld. Een maand na de zaai van de linzen, huttentut oppervlakkig onderzaaien bleek geen goede praktijk in 2024. Na anderhalve maand groeiden de linzen planten de bodem toe en ze concurreerden de nog kleine huttentut plantjes weg (39 cm tussen twee linzen rijen). Ondanks de kleine zaden was huttentut mee zaaien met de linzen 2-3 cm diep in 2025 niet 100% nefast voor de opkomst. Slechts gemiddeld 30% van de planten kwamen boven, maar bij een zaaidosis van 3 kg/ha (=260 zaden/m2) was de stand hiervan visueel goed. Deze zaaidosis bleek zelfs te hoog. De huttentut planten overschaduwden de linzen en concurreerden nu de linzen planten weg. Dit was een opvallend contrast met 2024. In het droge seizoen 2025 rijpte de huttentut ten slotte een stuk vroeger af dan de linzen en werd bij een relatief late oogst voor de huttentut veel verlies vastgesteld door zaaduitval.
Meer details vind je in het uitgebreide rapport van de proeven.
Meer info?
jasper.vanbesien@inagro.be
Onderzoek uitgevoerd in het kader van de operationele groep (EIP): Tweespan (‘Lokale bio-eiwitketen vanuit Tweespan Biograno-La vie est belle’) Dit project wordt gefinancierd door het Agentschap Landbouw & Zeevisserij van de Vlaamse overheid.

![]()
| Bijlage | Grootte |
|---|---|
| Verkennende proeven mengteelt zomerlinzen_Inagro_BIO_2024_2025.pdf | 3.28 MB |