Bio Boeren Blog - augustus 2026 - Johan Boussemaere
In de Bio Boeren Blog van augustus schrijft Johan Boussemaere over zijn experimenten in de strijd tegen de distels. Lees ook zijn vorige blog van februari.
Johan is gehuwd met Isabel Delanote en papa van Aude, Clara en Yvonne. Hij boert sinds 2003 op de ouderlijke hoeve, als derde generatie. In 2007 nam Isabel ook haar ouderlijke akkerbouwbedrijf over als vierde generatie. In 2016 zijn ze omgeschakeld naar bio en sinds 2021 hebben ze een kleine kaasmakerij waar ze een klein stukje van de melk verwerken tot kaas en yoghurt. Sindsdien gaat de boerderij door het leven als "Het Land van Melk en Honing".
Alles heeft zijn nut, niets is overbodig, niemand is waardeloos. Het is een heel mooie gedachte om als mens en boer met dit statement in het leven te staan. Je kunt van ieder diertje en ieder plantje wel een positieve eigenschap noemen. Herkauwers kunnen iets wat wij, mensen, niet kunnen. En dat is gras verteren. Wij, mensen, hebben op de wereld, waar tweederde van de vruchtbare grond bestaat uit gras, de herkauwers nodig om dit gras om te zetten in iets wat wij kunnen verteren. Wie of wat bedacht het toch allemaal? De regenwormen die zo’n noeste arbeid verrichten om de grond te doorboren om die tot een spons te maken waar planten zo graag in kunnen groeien. De katten, honden en de uilen die het ongedierte bestrijden dat zoveel schade kan aanrichten aan onze stocks en onze infrastructuur.
Dezer dagen stel ik mij de vraag wat het nut van de distel toch kan zijn. Is dat dan enkel om de putter of distelvink te voeden? En kan die dan toch zijn bordje helemaal leeg eten alsjeblief?
Of zou dit een teken zijn van een soort toestand van de bodem? Benutten zij achtergebleven voedseloverschotten in de grond die door niemand anders benut worden? Of wijst dit op een teveel of een tekort of een slechte verhouding van mineralen in de bodem? Of een verdichting in de bodem???
In de beginjaren na onze omschakeling waren we dagen aan het distels trekken. We wilden het proper hebben. Zodat de gangbare collega’s toch zeker geen overlast zouden hebben van hun bio buren. Ondertussen mogen onze gangbare collega’s op de buitenste meter van hun perceel ook geen chemie meer gebruiken. En ook de gemeente onderhoudt in zijn bermen heel goed de putter. Dit maakt dat je jezelf steeds opnieuw moet uitvinden. Dan maar een armklepelmaaier gekocht. Dit vind ik ondertussen toch ook maar niets. Het maaien van de omheiningen vraagt immers heel wat pruts- en stuntwerk. En niemand staat te springen om het te doen. Als je de distels plukt in het lange gras hebben nieuwe scheuten minder licht om te groeien. Terwijl ze met de klepelmaaier direct weer alle licht krijgen in deze droge zomer.
Op sommige percelen zie je eerst een enorme opflakkering. Doch met goed graslandbeheer neemt de intensiteit wat af, maar ze gaan niet weg. Op sommige plaatsen zijn ze heel hardnekkig en op andere plaatsen staan ze dan weer niet. Hoe zou dat toch komen? Staan ze op de ene plaats omdat het er goed is, of gewoon omdat daar eens een zaadje gekiemd is en is beginnen groeien? Dit kan ik moeilijk geloven, want je ziet zoveel pluisjes voorbij waaien.
Sommigen zeggen dat de distels vanzelf weer weg gaan. Maar ik zie in de bijna 50 jaar dat ik hier rondloop toch veel plaatsen waar ze er al heel lang staan. Had ‘er smerig naar kijken’ geholpen, waren ze zeker al lang weg. Ik heb ze ooit eens weg gekregen op een perceel door dieper alles af te snijden, toch wel een 15 cm diep met vleugelscharen die goed overlappen. En na een tijd nog eens herdoen. Liefst in een droge periode zodat ze niet terugschieten.
Ik wou ze enkele jaren geleden gaan bestrijden in de periode dat de weiden in akkerland zijn, om er zo in de teeltrotatie komaf mee te maken. Dit is echter de tijd waar je eigenlijk groenbemesters wil inzetten om je bodem te activeren. Een ander minpunt is dat je, tijdens het eerste jaar na het scheuren van gras, dan grote distelplekken hebt in je graan wat ook weer veel handwerk vraagt. Op vandaag is mijn plan als volgt: ik wil de distels bestrijden in de tweede jaarhelft in de weiden waar in het najaar straks graan komt. Enkel de plekken waar ze staan, de wortels van diep naar boven halen. En zo laten uitputten. Om dan in september op het hele perceel met de mulchfrees niet-kerend de overstap te maken naar akkerland.
Het ondiep afsnijden (scalperen) zodat de wortels uitgeput geraken: met de beste intenties probeerde ik dit vorig jaar al. Dit jaar stonden ze er helaas terug… Heb ik het niet frequent genoeg gedaan? Of toch niet diep genoeg? Ik denk dat de distels een te sterke batterij hebben in de grond om deze methode effectief te laten zijn.
Nu het zo droog is en groenbemesters inzaaien na het graan niet kan, wil ik toch nog eens gebruik maken van deze periode om de distels uit te putten in het akkerland. Na de oogst heb ik de graan- en bonenvelden gefreesd om de grond zwart te krijgen. En na enkele weken zie je duidelijk de distelplekken boven komen. Nadat ik deze vlekken in de gps opgeslagen heb, bewerkte ik ze diep met de vleugelschaar. Zo zal ik dit binnen enkele weken nog minstens één of twee keer herhalen.
In de weiden zijn de distels nu ook goed zichtbaar met deze droogte. Nu ik toch bezig ben wil ik het experiment verder inzetten op een paar weiden waar in de komende jaren granen zullen gezaaid worden. Daar reed ik de plekken al diep uit. Op die manier kan ik in september nieuwe gras-klaver inzaaien. Zo hebben we hopelijk volgend jaar al enkele distelvrije percelen extra.
En zo zijn we ook alweer een experiment verder.
Johan Boussemaere
Wil je graag reageren op de blog? Stuur Johan een mailtje!