Klimaatadaptieve zonnebloemteelt voor een betere melkkwaliteit
Dit project wou in de eerste plaats de algemene mogelijkheden van zonnebloemen als silage voor melkvee verkennen, en de invloed ervan op het melkvetzuurgehalte. Hierbij kijken we voornamelijk naar zonnebloemen in hoofdteelt als ruwvoergewas. Bijkomstig wou dit project de mogelijkheden aftoetsen om zonnebloemen als tweede gewas te telen, in nateelt na wintergranen. Wintergranen worden gewoonlijk in de tweede helft van juni geoogst wanneer ze als gps worden ingezet op het melkveebedrijf. Dit vereist daarom een late zaai wat betreft de zonnebloemteelt. Dit project omvatte dan ook twee teelttechnische proeven, waarbij zowel rassenkeuze als zaaitijdstip centraal stonden. Proeven toonden aan dat een verlaat zaaitijdstip wel wat risico met zich meebrengt naar opbrengstverliezen toe door toenemende ziektedruk, vogelvraat en slechte afrijping van het gewas. Dit brengt korrelverliezen met zich mee, en daardoor ook een verlies aan voederwaarde. In dit project werden er eveneens 4 praktijkpercelen opgevolgd waarvan de opbrengst vervoederd werd aan het melkvee. Analyse van de melk leerde ons vervolgens dat het voederen van zonnebloemsilage kan leiden tot een vetzuurpatroon dat enigszins richting onverzadigd oliezuur verschuift. Dit komt de smeerbaarheid en kwaliteit van zuivelproducten ten goede.
CCBT-project
Agentschap Landbouw & Zeevisserij
externe expert