Bloedluizen in mobiele kippenstallen: wat moet je weten?
Je kippen lijken gezond, maar leggen minder eieren. Ze zijn onrustig, pikken meer naar elkaar en willen ’s avonds soms niet meer op stok gaan. De oorzaak? Vaak zit die verborgen in spleten, kieren en nesten in de stal: de rode vogelmijt, in de volksmond beter gekend als ‘bloedluis’.
Deze kleine parasiet voedt zich met het bloed van kippen en veroorzaakt niet alleen welzijnsproblemen, maar ook economische schade. In Europa kampt naar schatting meer dan 80% van de leghennenbedrijven met bloedluizen. Ook mobiele kippenstallen ontsnappen niet aan dit probleem.
Om mobiele kippenstalhouders te ondersteunen bij de bestrijding van bloedluizen werd het CCBT-project 'MobiO'Mite' opgestart. Het project onderzocht hoe mobiele stallen op een duurzame manier beschermd kunnen worden tegen bloedluizen, met een sterke focus op natuurlijke bestrijding en het ontwikkelen van toepasbare maatregelen die haalbaar zijn in praktijk.
Waarom mobiele stallen een bijzondere uitdaging vormen
Veel kennis over bloedluizen is ontwikkeld voor grote, vaste pluimveestallen. Mobiele kippenstallen vormen echter een heel eigen omgeving. Ze verschillen sterk in ontwerp, materiaalgebruik en stalklimaat. Bovendien kunnen temperatuur en luchtvochtigheid er sneller schommelen. Ook worden mobiele stallen regelmatig verplaatst, wat invloed kan hebben op de verspreiding van bloedluizen. Daarnaast worden mobiele stallen vaak uitgebaat door korteketenbedrijven, waar arbeidstijd beperkt is en eenvoudige, haalbare oplossingen noodzakelijk zijn.
Van product-denken naar systeemdenken
Een belangrijk gegeven is dat een bloedluisprobleem niet opgelost wordt met één enkel product. De succesvolle, duurzame bestrijding van bloedluizen vergt een integrale aanpak waarbij verschillende maatregelen elkaar versterken. Het project vertrok daarom vanuit het concept van Integrated Pest Management (IPM). Hierbij staan preventie, monitoring, gerichte interventies en evaluatie centraal, terwijl chemische middelen enkel als laatste redmiddel worden ingezet.
De bouwstenen van een succesvolle aanpak
- Preventie
Voorkomen blijft beter dan genezen! Een goed stalontwerp, wegwerken van schuilplaatsen voor bloedluizen, aangepaste materiaalkeuze en een goede reiniging kunnen de besmettingsdruk sterk verlagen. Hout, bijvoorbeeld, biedt veel schuilmogelijkheden en is moeilijker te reinigen dan gladde materialen.

- Monitoring
Bloedluizen zijn vaak aanwezig lang voordat de eerste problemen zichtbaar worden. Regelmatige monitoring maakt het mogelijk om vroegtijdig in te grijpen. Het project benadrukt daarom het belang van routinematig monitoren op vaste locaties in de stal. Dit kan je doen met behulp van eenvoudig te maken valletjes of door visueel te controleren op de aanwezigheid van bloedluizen, bv. als het donker is en de kippen op stok zitten.

- Natuurlijke bestrijding
Binnen MobiO'Mite werd veel aandacht besteed aan natuurlijke alternatieven. In het algemeen zijn er twee grote categorieën: producten die werken via de kip en producten met werking in de omgeving van de kip. Voor mobiele stallen lijkt deze laatste groep het meest relevant. Roofmijten, zoals Androlaelaps casalis en Cheyletus eruditus, werden in de praktijk getest. Daarnaast werd ervaring opgedaan met diatomeeënaarde en andere niet-chemische producten. -
Evaluatie
Elke stal is anders. Daarom is het belangrijk om na een behandeling opnieuw te monitoren en na te gaan of de gekozen strategie werkt. Een succesvolle aanpak vraagt voortdurende opvolging en bijsturing. Als een bepaald product niet het verhoopte effect geeft, worden best alternatieven overwogen. Welk product het meest aangewezen is, hangt af van verschillende factoren zoals (i) de ernst van de bloedluisinfestatie, (ii) de interesse van de pluimveehouder, (iii) de tijd en kosten die aan de behandeling kunnen besteed worden.
Wat gebeurde er binnen MobiO'Mite?
Het project combineerde verschillende activiteiten met als doel zoveel mogelijk informatie in te winnen om een praktische gids te kunnen opstellen. Eerst werd alle beschikbare kennis over bloedluizen, natuurlijke bestrijding en mobiele stallen samengebracht. Daarnaast werd een overzicht gemaakt van beschikbare producten voor bloedluisbestrijding.
Tijdens verschillende praktijkmomenten konden mobiele kippenhouders ervaringen uitwisselen rond monitoring, preventie en natuurlijke bestrijdingsmethoden. De feedback uit deze bijeenkomsten werd meegenomen in de verdere ontwikkeling van de gids.
In de mobiele stallen van ILVO werd ervaring opgedaan met een geïntegreerde IPM-aanpak waarbij gewerkt werd met systematische monitoring, het uitzetten van roofmijten, het gebruik van diatomeeënaarde en de evaluatie van de aanpak. Wegens de zéér beperkte aanwezigheid van bloedluizen bij de proeven op ILVO, konden echter weinig conclusies getrokken worden m.b.t. de efficiëntie van de producten.

BaroMIJTer: praktische gids voor mobiele kippenhouders
De belangrijkste output van het project is de BaroMIJTer. Deze praktische gids bundelt wetenschappelijke kennis en praktijkervaring in één toegankelijk document. DOWNLOAD HIER!
De BaroMIJTer helpt mobiele kippenhouders bij
- het herkennen van bloedluizen
- het opzetten van een monitoringsplan
- preventie en bioveiligheid
- het kiezen van geschikte natuurlijke producten
- het evalueren van de gekozen aanpak.
De gids bevat bovendien praktische stappenplannen, checklists en tips die onmiddellijk toepasbaar zijn op het bedrijf.
Toptips uit de BaroMIJTer
Tip 1: Wacht niet tot je problemen ziet
Bloedluizen kunnen zich zeer snel vermenigvuldigen. Vroege detectie en preventieve maatregelen voorkomen grote problemen later.
Verwijder vóór het verplaatsen van de stal zoveel mogelijk mest en vuil. Hierin bouwen bloedluizen namelijk graag hun eigen nestjes. Door de stal dus regelmatig proper te maken, verwijder je al heel wat bloedluizen.
Tip 2: Monitor minstens maandelijks
Het routinematig monitoren geeft je heel wat informatie over óf er bloedluizen aanwezig zijn, hoe groot de infestatie is én de effectiviteit van je bestrijdingsaanpak.
Gebruik steeds dezelfde locaties zodat evoluties zichtbaar worden. Monitor op 4-5 plaatsen in je stal en kies deze zorgvuldig zodat je een totaalbeeld krijgt: bv. onder zitstokken, in nesten, in hoeken van de stal.
Tip 3: Denk na over materiaalkeuze
Hout is een zeer mooi natuurlijk product, maar jammer genoeg denken bloedluizen daar net zo over. Hout heeft een ruwer oppervlak, is moeilijker proper te houden en absorbeert bepaalde producten heel fel. Probeer daarom het gebruik van hout in de stal zoveel mogelijk te beperken. Gebruik je het toch, wees dan extra beducht op de mogelijke aanwezigheid van bloedluizen.
Beperk zoveel mogelijk spleten, kieren en ruwe oppervlakken in de stal waarin bloedluizen zich kunnen verstoppen.

Tip 4: Combineer verschillende maatregelen
Een duurzame aanpak werkt het best wanneer preventie, monitoring, gebruik van natuurlijke producten en evaluatie gecombineerd worden.
Wees je ook bewust van mogelijke interacties tussen verschillende producten. Zo worden roofmijten óók afgedood door diatomeeënaarde. Wil je de twee combineren? Wacht dan na een behandeling met diatomeeënaarde ongeveer 8 weken vooraleer je opnieuw roofmijten uitzet in de stal.
Tip 5: Chemische producten zijn niet de eerste stap
Het gebruik van chemische middelen is niet uitgesloten, maar beperk deze om o.a. het risico op resistentievorming van bloedluizen hiertegen te reduceren. Zet eerst in op preventie, monitoring en natuurlijke oplossingen.
Chemische middelen blijven een laatste redmiddel.

MobiO'Mite toont aan dat duurzame bloedluisbestrijding mogelijk is, ook in mobiele kippenstallen. De sleutel ligt niet in één wondermiddel, maar in een doordachte combinatie van preventie, monitoring, natuurlijke bestrijding en evaluatie.
Met de BaroMIJTer beschikken mobiele kippenhouders vandaag over een praktisch hulpmiddel om die geïntegreerde aanpak stap voor stap toe te passen op hun bedrijf.
Meer info?
Raadpleeg de BaroMIJTer voor praktische richtlijnen rond bloedluismonitoring en duurzame bestrijding in mobiele kippenstallen online via deze link of door de QR code te scannen.

Een papieren exemplaar kan je aanvragen via Proefbedrijf Pluimveehouderij.
E-mail: hanne.nijs@provincieantwerpen.be