Skip to main navigation
Home
  • Nieuws
  • Agenda
  • Thema's
    • Afdekmaterialen
    • Handelsmeststoffen
    • Irrigatie
    • Mechanische onkruidbeheersing
    • Plagen & ziekten
  • Projecten
  • Praktijkcentra
  • Onderzoeksdatabank
  • Over CCBT
  • Contact
Sorteeropties
  • en
  • nl
Menu

Kruimelpad

  1. Home
  2. Nieuws
  3. Bio Aardbeien Telen Met Een Levende Bodembedekking: Kan de Bodem Het Werk Opnieuw Overnemen?

Bio aardbeien telen met een levende bodembedekking: kan de bodem het werk opnieuw overnemen?

14/10/2026
Nicole Gallace (pcfruit)

kleinfruit

bodemvruchtbaarheid

De langetermijneffecten van aardbeien telen als monocultuur, op plastic en in intensief bewerkte grond, zijn intussen goed gekend. Compost, organische mulch en minder bodembewerking kunnen de fysische bodemkwaliteit verbeteren, maar toch zien we niet altijd de gezonde en vitale teelt waarop we hopen.

Blijkbaar ontbreekt er nog een stukje van de puzzel.
Wat als we de bodem opnieuw tot leven kunnen brengen terwijl we tegelijk een volwaardige aardbeienteelt behouden? In een natuurlijk ecosysteem werken planten, wortels, micro-organismen en andere organismen voortdurend samen. Vanuit die gedachte onderzoekt pcfruit of we deze natuurlijke samenwerking ook kunnen benutten in een bio aardbeienteelt.

Proef met aardbeien tussen levende planten.
De voorbije twee jaar teelden we junidragers in een levende bodembedekking van stekelnoot (Acaena buchananii) en kruipende tijm (Thymus praecox 'Coccineus'). We gebruikten klassieke aardbeienbedden met zes planten per lopende meter en permanente druppelirrigatie. In de wandelpaden lag een dikke laag voorverteerde houtsnippers.

fig 1 fig2​​

Figuur 1 (links): Succesvolle Bio Sonsation teelt op levende bodembedekker van ‘Stekelnoot’. Figuur 2 (rechts): Mislukte doordragerteelt op te hevig levende bodembedekker van Lysimachia nummularia.

“Het idee is eenvoudig: in plaats van de bodem een groot deel van het jaar onbegroeid te laten, houden we hem permanent levend. Maar eenvoudig betekent niet dat het systeem vanzelf werkt.”

De juiste bodembedekker kiezen
Niet elke plant is geschikt om tussen aardbeien te groeien. De bodembedekker moet snel genoeg ontwikkelen om de bodem te bedekken, maar op termijn mag de aardbeiplanten niet gaan overheersen. Dat ondervonden we met Lysimachia nummularia die veel agressiever groeide dan de aardbeien en werd daardoor een probleem. Vooraf testen is daarom essentieel. Test kandidaat planten op het eigen bodemtype en observeer hoe ze met mekaar groeien en hoe ze ook reageren op het geplande bemestingsschema. 

Verschillende plantenfamilies kunnen verschillende microbiële gemeenschappen aantrekken. Meer plantdiversiteit kan daardoor ook meer diversiteit in het bodemleven betekenen. Wij raden daarom aan om zo veel mogelijk verschillende planten in het systeem te introduceren.

Een koelere bodem vraagt een andere plantstrategie
Een belangrijk verschil met plastic bedekte bedden is de bodemtemperatuur. Door een koelere bodemtemperatuur is de ontwikkeling en groei van de aardbeienteelt trager. Dat betekent dat de plantdatum voor een junidrager ongeveer één maand vroeger mag om een vergelijkbare opbrengst te bereiken. 

Geen extra risico op vruchtrot
Een levende bodembedekking hoeft niet automatisch voor een vochtiger microklimaat te zorgen. Ondanks de druppelslang onder de mulch en de tunnelafdekking vanaf de bloei, zagen we na bewaring geen duidelijk verschil in Botrytis. Wel vraagt de bodembedekker extra water, omdat deze zelf ook water gebruikt.

Steviger fruit, maar iets lager Brix
Het fruit uit de levende mulch was doorgaans steviger, terwijl het Brix-gehalte iets lager lag. Ook de keuze van de bodembedekker speelde een rol in de plukbaarheid. Acaena buchananii bleef laag en vormde een stevig draagvlak voor de vruchten, terwijl Thymus praecox 'Coccineus' losser groeide, waardoor vruchten vaker tussen de bladeren lagen.

3 4 5

Figuur 3,4,5: links: larve van een lieveheersbeestje op stekelnoot, midden: spinnenwebben en rechts: bij op thymus praecox bloemen. 

Meer leven onder en boven de grond
Na twee jaar nam de schimmelbiomassa in de bodem met levende bodembedekking toe. Dit is voorlopig een interessante observatie en ondersteunt wel de hypothese dat een permanente vegetatie de microbiële gemeenschap in de bodem kan beïnvloeden.
Ook bovengronds zagen we interessante neveneffecten. De bodembedekking bood een habitat aan verschillende nuttige predatoren. Vooral de grote aantallen kleine spinnen vielen op. In dezelfde percelen zagen we weinig schade door trips, bladluizen en spint. We vermoeden dat de aanwezige natuurlijke vijanden hieraan hebben bijgedragen.
Daar staat wel een belangrijke keerzijde tegenover: slakken. De schade door slakken was aanzienlijk en vormt momenteel een van de grootste uitdagingen. Woelmuizen zijn ook in de levende bodembedekker aanwezig maar lijken tot nu toe niet aan de teelt wortels te vreten.

6 7

Figuur 6,7: links woelmuis gaten naast de druppelleiding, rechts sakkenschade op de rijpe vruchten.

Minder bemesten?
In de proef werd bewust weinig bemest. We willen onderzoeken of we een functionerende bodem kunnen opbouwen die beter in staat is om mee te reageren op de behoeften van het gewas en liefst een groter deel van de nutriëntenvoorziening kan opnemen. De ambitie van toekomstig proeven is te zien in hoever dit mogelijke is.

De grootste investering: geduld
Eenmaal gevestigd, verandert het systeem echter sterk. Onkruidgroei wordt dan zeer beperkt. Tijdens de vestigingsfase kan de keuze van verschillende organische residuen, onkruidgroei verder onderdrukken. In onze proef duurde deze fase zes maanden. Mogelijks zou een aanplant van de bodembedekker in het najaar sneller voor een bedekt bed in het voorjaar zorgen.

En de volgende aardbeienteelt?
Ook het vernieuwen van het aardbeienperceel vraagt een andere aanpak. We ontwikkelden een aangepaste boorkop waarmee de oude planten konden worden verwijderd zonder de volledige levende bodembedekking te vernietigen. De bodem in het plant gat werd licht losgemaakt, waarna de nieuwe aardbeien rechtstreeks konden worden geplant. Een belangrijke onderzoeksvraag blijft of aardbeienwortelziekten ondanks de grote diversiteit aan bodemleven, diversiteit zich op termijn toch kan opbouwen. 

8 9
Figuur 8: Sonsation planten in bedden zonder living mulch waar de plant -vitaliteit duidelijk minder is. Figuur 9: Sonsation teelt op living mulch na de pluk. Planten staan duidelijk vitaler dan dezelfde planten op bedden zonder living mulch.

10 11

Figuur 10,11: links afgemaaide aardbeienteelt. Rechts afgemaaide plant met compost bovenop.

Een aardbeienperceel dat nooit leeg is
Een levende bodembedekking verandert de manier waarop we naar een aardbeienperceel kijken. De bodem is niet langer enkel het substraat waarin de aardbei groeit, maar wordt onderdeel van een levend systeem van planten, wortels, micro-organismen en natuurlijke vijanden.
De eerste ervaringen zijn interessant, maar er zijn duidelijke uitdagingen. De opstart vraagt tijd, de waterbehoefte kan hoger liggen, slakken vormen een belangrijk probleem en de koelere bodem vraagt een aangepaste plantstrategie. Ook weten we nog niet of deze aanpak op langere termijn de bemestingsbehoefte kan verlagen of bodemgebonden ziekten voldoende kan onderdrukken.

Toch is de gedachte achter de proef eenvoudig: Misschien moeten we de bodem opnieuw de kans geven om zelf te functioneren. En dat begint mogelijk met ervoor zorgen dat er altijd een plant groeit.

Meer info?
Nicole Gallace (pcfruit vzw), nicole.gallace@pcfruit.be

 

Zoek per categorie

herkauwers
pluimvee
varkens
pitfruit
kleinfruit
akkerbouw
beschutte teelt
kruiden
sierteelt
groenten
bodemvruchtbaarheid
biodiversiteit
energie
onderzoek & beleid
projectoproepen

Agenda

Landwijzer Inspiratiecursus Agro-ecologisch denken & ondernemen
16/10/2026
Biobedrijfsnetwerk Pluimvee
19/10/2026
Studiereis 2026: herfstbezoek aan Zwitserland
20/10/2026
Workshops toekomst biologische glastuinbouw
27/10/2026
Studiedag integrale benadering worminfecties op leghennenbedrijf
27/10/2026
Studienamiddag: alles over Johnson Su, (wormen)compost en Bokashi
26/11/2026
› meer activiteiten

website door startx

CCBT vzw
Tel: +32 9 331 60 85
Mail: info@ccbt.be
Schaessestraat 18, 9070 Destelbergen

Footer-menu

  • Nieuws
  • Over CCBT
  • Praktijkcentra

Met de steun van het departement landbouw en visserij van de Vlaamse overheid.

Home
  • Nieuws
  • Agenda
  • Thema's
    • Afdekmaterialen
    • Handelsmeststoffen
    • Irrigatie
    • Mechanische onkruidbeheersing
    • Plagen & ziekten
  • Projecten
  • Praktijkcentra
  • Onderzoeksdatabank
  • Over CCBT
  • Contact
  • Inloggen