Op zoek naar duurzame oplossingen voor biologische serreteelt
Hoe kunnen biologische vruchtgroentetelers in verwarmde serres hun teeltsysteem veerkrachtiger maken zonder in te boeten op rendabiliteit? Die vraag staat centraal in het Europese onderzoeksproject EcoGreation, dat eind juni officieel van start ging in Avignon (Frankrijk). Binnen het project werken onderzoeksinstellingen en praktijkcentra uit België, Nederland, Frankrijk, Duitsland en Zweden samen aan de ontwikkeling van teeltsystemen waarin multifunctionele dienstgewassen een centrale rol spelen.
Beperkte rotatie leidt tot uitdagingen in verwarmde serres
Vruchtgroentetelers staan voor een groeiend aantal uitdagingen. Door de beperkte rotatiemogelijkheden in verwarmde serres worden vaak gewassen uit dezelfde plantenfamilies geteeld. Dat leidt tot een opbouw van bodemgebonden ziekten en plagen, waarbij vooral wortelknobbelnematoden een hardnekkig probleem vormen. In biologische tomaten- en komkommerteelten kunnen deze aaltjes opbrengstverliezen tot 40 procent veroorzaken. Ook de beheersing van bladluizen blijft moeilijk, onder meer door hyperparasitisme en een gebrek aan geschikte voedselbronnen voor natuurlijke vijanden. Tegelijk worden telers geconfronteerd met strengere regelgeving, een groeiende zorg om een gezond bodemleven en de nood aan duurzame bemestingsstrategieën.
Multifunctionele dienstgewassen als redmiddel?
EcoGreation wil deze uitdagingen aanpakken door multifunctionele dienstgewassen, ook wel Agro-ecological Service Crops (ASC's) genoemd, te integreren in biologische serreteeltsystemen. Het gaat om gewassen die naast een eventuele economische opbrengst ook ecosysteemdiensten leveren:
- Zo kunnen ze bijdragen aan een hogere biodiversiteit in de serre,
- natuurlijke vijanden ondersteunen via de productie van nectar of stuifmeel,
- de bodemvruchtbaarheid verbeteren
- of druk van onkruiden verminderen.
De keuze van geschikte dienstgewassen is echter niet vanzelfsprekend. Sommige plantensoorten kunnen immers ook als waardplant fungeren voor bodempathogenen of plagen, waardoor de ziektedruk in de kas net toeneemt. Daarom wil EcoGreation de effecten van verschillende plantensoorten systematisch in kaart brengen, zodat telers onderbouwde keuzes kunnen maken zonder zelf grote teeltrisico's te lopen.
Naast de technische werking van de dienstgewassen onderzoekt het project ook welke sociale en economische drempels de toepassing ervan vandaag nog beperken.
Living labs als motor van innovatie
Een belangrijk onderdeel van het project is de living lab-aanpak, waarbij telers actief betrokken worden bij de ontwikkeling en evaluatie van nieuwe teeltsystemen. EcoGreation telt vier living labs verspreid over Europa. Twee daarvan bevinden zich op commerciële bedrijven in Nederland en Zweden, terwijl Frankrijk en België praktijkcentra inzetten als testlocatie. Zowel tunnelsystemen als (verwarmde) serrecomplexen komen aan bod. Die combinatie van verschillende klimaatomstandigheden en serretypes moet leiden tot breed toepasbare kennis voor de sector.
Het Belgische living lab wordt uitgebouwd op de site van Viaverda in Kruisem. Daar wordt momenteel een demotuin aangelegd met een twintigtal potentiële dienstgewassen. De demotuin helpt voor de verschillende soorten bij het in kaart brengen van de gewasontwikkeling onder serreomstandigheden, de onderhoudsbehoefte, aantrekkelijkheid voor natuurlijke vijanden en mogelijke nadelige effecten. De demotuin was ook te bezichtigen op het proefveldbezoek groenten onder bescherming dat plaatsvond op 4 augustus 2026.
Agroecology partnership
EcoGreation kadert binnen het Agroecology partnership. Dat is een grootschalig Europees innovatieprogramma dat de omschakeling naar duurzame én rendabele landbouwsystemen wil versnellen door agro-ecologische praktijken toe te passen. Binnen het partnership komen verschillende teeltsystemen en schakels in de productieketen aan bod.
Toekomst
Hoewel agro-ecologische praktijken veel potentieel hebben, blijven er uitdagingen. Vermarkting van mengsels of kleine hoeveelheden multifunctionele dienstgewassen is lastig. De implementatie vraagt daarom nauwe samenwerking tussen landbouw, onderzoek en retail om de agro-ecologische strategieën praktisch inzetbaar te maken op bedrijfsniveau.
Meer info?
elien.vandenbossche@viaverda.be