/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/pitfruit44.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/kleinfruit.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/pluimvee82.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/pluimvee42.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/herkauwers.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/groenten1.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/akkerbouw69.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/pitfruit24.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/akkerbouw99.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/groenten92.jpg

Laat je niet verrassen door de taxuskever!

Schade

Taxuskever kan uw kleinfruitaanplanting ernstig beschadigen. De schade door de volwassen taxuskever wordt gekenmerkt door typische ronde hapjes die uit de randen van de bladeren worden weggevreten. De kevers zijn in staat om ook door zijnerven en hoofdnerven te bijten. Bij frambozen vreten ze liefst aan de bloemen, met misvormde vruchten tot gevolg. Naast deze bovengrondse vraat, die al belangrijke economische schade kan teweegbrengen, is larvale vraat aan het wortelgestel (van vooral jonge planten) oorzaak van heel wat plantuitval en productieverlies in de kleinfruit- en de sierteeltsector. De taxuskever komt in kleinfruit met name voor bij blauwe bes, aardbei, bosbes, framboos, kruisbes, zwarte bes en druif. 

Image

Figuur 1. Links: Schadebeeld bovengronds veroorzaakt door de taxuskever (Masiuk M., Penn State University Cooperative Extension). Midden: Wortelvraat bij herstframboos (Kweli). Rechts: Wortelvraat bij blauwe bes (Duke). 

Op het moment dat taxuskeverschade wordt vastgesteld, kan deze al zover gevorderd zijn dat de aanplant niet meer te redden is. Er zijn meerdere redenen waarom een aantasting door taxuskever niet altijd tijdig wordt waargenomen:

  • de kever is meestal ‘s nachts actief en verschuilt zich overdag,
  • het gewas waarop de kever vreet is niet noodzakelijk het gewas waarop en waaronder de eieren worden afgezet,
  • door het veelvuldig gebruik van afdekmaterialen op biologische bedrijven heeft de kever meer kans om langer ongemerkt zijn gang te gaan.

Levenscyclus

De taxuskever heeft meestal 1 generatie per jaar, waarbij overwintering gebeurt als larve. In beschermde teelten kunnen er jaarlijks 2 of meerdere generaties zijn en is bovendien ook overwintering als kever mogelijk. Overwinterende kevers kunnen al zeer vroeg in het voorjaar (april-mei) de eileg hervatten. De volwassen kevers uit de overwinterde larven verschijnen volop gedurende de maanden juni-juli en beginnen na 2 tot 3 weken elke dag eitjes af te leggen. Een volwassen kever kan tot 300 eitjes afleggen. Na een 3-tal weken komen de jonge larven uit de eitjes. Er worden 5 larvale stadia doorgemaakt, terwijl de larven zich voeden met de wortels van de planten. Tijdens de eerste 3 larvale stadia (najaar en vroege voorjaar) beperkt de vraatschade zich tot de fijnere worteltjes. Vanaf het begin van het vierde larvale stadium treedt vraatschade op aan de grotere wortels. Als de bodemtemperatuur voldoende daalt, gaan de taxuskeverlarven tijdelijk in winterrust. Is de winter uitermate zacht, dan gaat de vraat echter gedurende de ganse winter verder (zoals in Proefcentrum Pamel is vastgesteld in de winter van 2013-2014). Na een fase van verpoppen in een aarden omhulsel komen we vervolgens terug aan het begin van de cyclus, met nieuwe volwassen kevers. 

Image
Figuur 2. Levenscyclus van de taxuskever (Moorhouse et al., 1992).


Monitoring
Voorkomen is beter dan genezen. Het is absoluut aan te raden om op de juiste momenten te controleren (monitoren) op de mogelijke aanwezigheid van larven, poppen en/of volwassen kevers. Een tijdige detectie van taxuskever draagt bij tot een efficiënte en haalbare bestrijding: zo kan immers de eileg door jonge kevers zo vroeg en snel mogelijk verhinderd worden. Ook de larve van de taxuskever kan bij een tijdige detectie effectief bestreden worden met biologische bestrijdingstechnieken. Men maakt daarbij vooral gebruik van natuurlijk voorkomende bodemorganismen zoals parasitaire aaltjes (nematoden) en schimmels. Deze organismen werken enkel optimaal bij voldoende hoge bodemtemperatuur en vochtigheid. Recente ervaringen op het proefcentrum bevestigen dit.
 
Controle op volwassen kever
De volwassen taxuskever is langwerpig-ovaal van vorm, 9-13 mm lang, donker grijs gekleurd met fijne groeven langsheen, en witte of gouden vlekjes op de dekschilden. De kever heeft een korte snuit en kan niet vliegen. Alle volwassen kevers zijn vrouwelijk (parthenogenetisch). Een eenvoudige en goedkope manier om taxuskever bij daglicht vroegtijdig op te sporen is het gebruik van houten bodemplaten of vangplaten. Net zoals onder afdekmaterialen, verschuilt de taxuskever zich ook graag onder houten planken die tussen de struiken worden gelegd. Vangplaten zijn goedkoop zelf te maken uit MDF-plaat. Deze worden dan dagelijks of meerdere malen per week omgedraaid en gecontroleerd op de aanwezigheid van volwassen taxuskevers. De controle op de volwassen overwinterende kevers start best in de periode april/mei, vooraleer de eileg begint. Zeker in een beschermde omgeving moet de controle vroeg genoeg gebeuren, omdat de eileg door overwinterende kevers daar reeds in april kan beginnen. Voor buitenteelten verschuift het moment van eileg eerder naar einde april en mei. In de maanden juni en juli moet gecontroleerd worden op de aanwezigheid van de zomerkevers. 
 
Controle op larven 
De larven zijn roomwit van kleur, met bruine kop, met typisch gebogen vorm en ze zijn pootloos. Kleinere larven vindt men meestal ter hoogte van de fijnere wortels. Grotere larven bevinden zich meestal reeds aan de wortelbasis waar ze verantwoordelijk zijn voor zwaardere vraatschade aan de bast van grotere wortels en het rhizoom (bij aardbeien). De controle op larven gebeurt best in het vroege najaar wanneer de bodem nog voldoende warm is en een eventuele behandeling met parasitaire aaltjes (nematoden) of schimmels nog mogelijk is. Daartoe wordt er op regelmatige afstanden in de rijen van het kleinfruit een plant uitgekozen, het wortelgestel deels vrijgemaakt en let men nauwkeurig op de aanwezigheid van de larven. 
 
Image
Figuur 3. Verschillende stadia in de levenscyclus van de taxuskever. Van links naar rechts: pas ontpopte kever, uitgeharde kever, eitjes, larve, pop.
 
Workshop
In het kader van het demonstratieproject BIOROOTS (gefinancierd door de Vlaamse Overheid, Departement Landbouw en Visserij) werkt Proefcentrum Pamel rond de monitoring en beheersing van de taxuskever. Op 22 juni kan je deelnemen aan een workshop, waarin je leert hoe je zelf de aanwezigheid van taxuskever kunt vaststellen. Het is de bedoeling dat alle stadia van de levenscyclus aan bod komen. Om observaties in het donker toe te laten –de volwassen taxuskevers zijn immers voornamelijk ’s nacht actief - start deze workshop om 20u30 en loopt door tot na zonsondergang. Het zal u verrassen hoeveel nachtelijke bedrijvigheid er te vinden is in een kleinfruitaanplanting! 
 
Meer info?
Paul Hendrickx
Tel: 054/32 08 46
E-mail: proefcentrum.pamel@vlaamsbrabant.be 
kleinfruit