/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/pitfruit44.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/kleinfruit.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/pluimvee82.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/pluimvee42.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/herkauwers.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/groenten1.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/akkerbouw69.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/pitfruit24.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/akkerbouw99.jpg
/sites/all/themes/ccbt/images/backgrounds/groenten92.jpg

Aangename kennismaking met de Eko-Feldtage!

Lieven Delanote (Inagro) en Carmen Landuyt (CCBT)

De Werktuigendagen in Oudenaarde in een volledige biologische format? Het kan. Op 3 en 4 juli ging de tweede editie van de ‘Eko-feldtage’ in Kassel (Duitsland) door. Een combinatie van proefvelden van de universiteit van Kassel, commerciële demovelden van zaadhuizen, machinedemo’s, een grote beursweide en uiteraard biologische catering zorgden voor een rijk en gevarieerd programma. 


Vlaamse delegatie 

Op initiatief van BioForum en CCBT trok een Vlaamse delegatie van telers en andere geïnteresseerden begin juli naar Kassel. Vanuit Vlaanderen kan je best twee dagen uittrekken om de beurs te bezoeken, want het is toch zo’n 5 à 6 rijden. Het dagvullend programma machinedemo’s werd beide dagen herhaald, en als je dan nog een busje kan delen met collega’s dan is het helemaal de moeite! 

Uitgebreid demoveld en beursgedeelte

Indrukwekkend was het uitgebreide demoveld waar alle zaadhuizen hun rassen demonstreerden. Heel wat soja, groenbemesters en granen, maar ook mengteelten en kruisingspopulaties van granen en zelfs van maïs. 

Op het ruime beursgedeelte stonden heel wat machinebouwers, maar ook alle andere toeleveranciers, ook voor de dierlijke productie. Bovenop het openlucht terrein waren er nog eens twee grote hallen met beursstands van toeleveranciers en omkadering. 

Duitse discipline bij grootse machinedemo’s

Duitsers houden er een ijzeren discipline op na, ook tijdens machinedemo’s. Waar we in Vlaanderen op, onder en over de machines hangen, blijft het Duitse publiek braaf achter een strak gespannen touw om de gedemonstreerde machines te bekijken. Veiligheid is terecht een belangrijk aandachtspunt. Bodembewerking en onkruidbeheersing waren de centrale thema’s.

‘Ondiep werken’ was de insteek bij het thema bodembewerking op een vroeg geoogste stoppel. De demo stak van wal met twee ondiep afgestelde ploegen (Lemken en Kverneland). Een echte ‘ekoploeg’ ontbrak in het rijtje. Het prototype van een mulch-ploeg combinatie deed letterlijk veel stof opwaaien. Vooraan de tractor blaast een aangepaste klepelmaaier de groene massa zijdelings over de reeds geploegde grond. Voorstanders zagen hierin de oplossing om de voordelen van ploegen (onkruid, zaaibed,…) en een ondiepe plaatsing van het organisch materiaal (erosie, vertering,…) te combineren. Tegenstanders merkten nuchter op dat de grond op zijn kop is gezet onder het dekentje mulch.

Filmpje: Mulch-ploeg

Vervolgens trok een hele rij cultivatoren het veld in. De Duitsers kiezen voor machines met veel volume die een groot volume grond en gewasresten vlot kunnen verwerken. In de stoppel werden alle machines uitgerust met brede, vlaksnijdende en ruim overlappende ganzevoeten om onkruiden ondiep door te snijden over de volledige breedte van de machine. Veel van de machines worden ook in het voorjaar ingezet om winteronkruiden aan te pakken of om een vals zaaibed aan te leggen. Treffler TG 500 en Köckerling slaagden erin om letterlijk de grond te scheren (3 à 5 cm). De EUM Vibrocat, de Horsch terrano en de Kubota CU 1300 stonden 5 à 8 cm diep afgesteld en hadden een iets meer mengende werking. Deze machines kunnen met aangepaste ganzevoeten ook 20 à 30 cm diep werken. De Knoche Ökogrubber, De Horsch Cruiser en de Saphir hadden met hun lichtere veertanden meer moeite om voldoende in de grond te komen in de vaste stoppel. De Rubin 10 van Lemken was de enige schijveneg in het rijtje.

De demo sloot af met drie aangedreven machines voor een (te) intensieve stoppelbewerking. De Moreni-Samurai kopeg is uitgerust met drie tanden per rotor. Op elke tand zijn twee horizontaal snijdende messen haaks gelast waardoor de machine gewasresten tegelijk snijdt en verkleint. De Breveglieri stoppelfrees is vooraan uitgerust met stevige dieptewielen voor een goede dieptecontrole en heeft achteraan een open klep. In de demo werkte deze machine te intensief. Van de lemige stoppel bleef een structuurloze zandbak over. De ‘CMN KVIK – Killer’ is tenslotte een variant op de gekende KVIK-UP met vooraan de machine een zware cultivator met vlakke messen en achteraan een zware aangedreven rotor. Deze rotor harkt door de grond en gooit grond en plantenmateriaal door de lucht. Door een verschil in zwaartekracht vallen de gronddeeltjes eerder en komen wortelstokken van wortelonkruiden bovenaan te liggen.  

Image

De tweede demo focuste op mechanische onkruidbestrijding. De bieten op het demoveld waren spijtig genoeg al te groot voor een mooie en uitdagende demo. Het was moeilijk om de machines op hun fijne werking te beoordelen. Het beursgedeelte was hier des te interessanter om machines in detail te bekijken. De grote trends kennen we ook in Vlaanderen. Bij de wiedeggen kwam het opnieuw tot een vergelijk tussen de klassieke (Hatzenbichler, Einbock) en de precisie-eggen van Treffler en APV. Bij de schoffelmachines lijkt camera-besturing standaard. Een 10-tal machines kwamen in beeld. Machines als Garford, Steketee en Carré zijn ook bij ons ruim bekend, KULT (Kress), Einbock en Schmotser zijn ondergewaardeerd. Op Steketee na, die een eigen systeem gebruikt, gebruiken de andere machines doorgaans een Claas of een Garford camera voor de besturing. Leibling, een boer-constructeur ontwikkelde een nieuwe eenvoudige schoffelvariant. De schoffels zijn slepend opgehangen aan een balk. Een slof vooraan elke schoffel zorgt door de diepteinstelling. Een drukveer (gas of hydraulisch) zet de nodige bodemdruk. Onkruidbestrijding gaat echter ook breder dan schoffelen. Kverneland kan met zijn ‘Geoseed®’ in perfect vierkantverband zaaien waardoor ook dwars schoffelen mogelijk wordt. Onderzoek is lopende wat dan beste zaaiverband wordt. Ook in de groententeelt zijn nieuwe ideeën in ontwikkeling. 
 
Mulchtec demonsteerde een nieuwe plantmachine om in mulch te planten. Mulchtec is een spinoff van ‘Dickendorf Bio-Gemüsehof’ dat al sinds 2011 in mulch probeert te planten en zodoende ruime ervaring heeft opgebouwd met dode en levende mulchmaterialen. In hun 7-jarige vruchtwisseling telen ze 5 jaar groenten met groenbemesters (die ze liefst klepelen of rollen als mulch ter plekke) en twee jaar ‘biomassa’ voor extra mulch op andere percelen. Voorop een traditionele plantmachine ontwikkelden ze een ingenieuse snij-unit die in de mulchlaag een doorgang maakt voor de ploeg van de plantmachine. Het resultaat in de luzerne-maaimeststof was verbluffend. Er was geen enkele opstropping en de mulch sloot na de plantmachine nagenoeg perfect. Enige en belangrijke kanttekening was dat de plantjes niet steeds voldoende waren aangedrukt in de onbewerkte grond. Dit is zonder twijfel oplosbaar…
 
Image
Foto’s: van links naar rechts: Leibling schoffel, mulchplantmachine, snij-unit mulchplantmachine
 
 
Filmpje: Mulch-plantmachine
 
Sfeer en gezelligheid
Ook voor sfeer en gezelligheid geven we de Duitsers een tien, want de biologische catering en de muzikale omkadering ’s avonds maakten deze tweedaagse studiereis compleet. Kijk zeker eens naar het filmpje!
 
Meer info?
Lieven Delanote of Carmen Landuyt
Tel: 051 27 32 50 of +32 (0)9 331 60 85
E-mail: lieven.delanote@inagro.be of carmen.landuyt@ccbt.be
 
herkauwers
pluimvee
akkerbouw
groenten